Zentrum für verfolgte Künste (im Kunstmuseum Solingen) © Zentrum für verfolgte Künste / Judith Schönwiesner
Zentrum für verfolgte Künste (im Kunstmuseum Solingen) © Zentrum für verfolgte Künste / Judith Schönwiesner

Van het idee tot de realisatie

Het ontstaan van het „Zentrum“

 

Na een lange  periode van overleg en ontwerp werd de opening van het „Zentrum für verfolgte Künste, verricht door de „Bundestagspräsident“, de op een na de hoogste vertegenwoordiger van de staat, op 8 december 2015 plechtig gevierd. Hierbij mag men niet uit het oog verliezen, dat dit centrum is ontstaan vanuit de gevoelens en waarnemingen aan de burgelijke basis en hun verantwoording tegenover de verachtingen in de duitse geschiedenis onder twee dictaturen. Dat na lange moeitevolle jaren het „Landschaftsverband Rheinland“ (LVR) en de stad Solingen het inzicht hadden dit initiatief financieel te steunen. Ook in de toekomst, toont aan, dat het de moeite waard is, de samenwerking van burgelijk engagement en openbare hulp tot een succes gebracht kan worden.

 

Reeds de oprichting van het Kunstmuseum Solingen in 1996 is zonder persoonlijk engagement ondenkbaar: de ondernemer Eugen Otto Butz, de raadgevende Dr. Dieter Fervers, de „Trägerverein Kunstmuseum Solingen“ en de „Stiftung Baden“ hebben samen met de stad Solingen het eerste museum in duitsland als „Gmbh“, een „pilootprojekt“, dat tot vandaag voortduurt, doen ontstaan. De kosten zijn geringer dan bij een openbare onderneming, de inkomsten hoger. Zo onstond het eerste kunstmuseum in Solingen. Bij een kunstuitlening kwam de Solinger museumsdirecteur Dr. Rolf Jessewitsch in 1997 de verzameling Gerhard Schneider tegen. Deze verzameling had vooral het oogmerk op ongewenste en buitengesloten kunstenaars tijdens de „Nazidiktatur“ met hun begrip van „ontaarde“ kunst. Maar ook op het feit, dat na 1945 bijna alle deze kunstenaars en schrijvers buitengesloten bleven en een rehabilitatie of zelfs een herontdekking of eerbetoon niet overwogen werd.  Door bejegening van de verzamelaar met de museumsdirecteur werd een grondsteen gelegd voor een „Zentrum der verfolgten Künste“, want al sinds 1999 vonden een reeks tentoonstellingen in binnen- en buitenland, ook in het Solinger Kunstmuseum, plaats.

 

Burgelijk engagement

 

In 2003 richtte de kunstverzamelaar Dr. Gerhard Schneider samen met de museumsdirecteur  een Fördergesellschaft“ op. Korte tijd later kon Dr. Dieter Fervers de Solinger ondernemer Thomas Busch (Fa. Walbusch) winnen voor een gezamelijke stichting, kapitaal: 1 miljoen euro.

Bovendien kwam de „Kunstmuseum Solingen Betriebsgesellschaft mbH“ er nog bij. De bovenverdieping van het museum is voortaan gereserveerd voor de presentatie van de stichting. Met de stichtingsoorkonde van 24.03 2004 werd de „Bürgerstiftung für verfemte Künste mit der Sammlung Gerhard Schneider“ als zodanig erkend. De stichters engageren zich voor de duitse geschiedenis van de twintigste eeuw, die deze verzameling op bijzondere wijze thematiseert en accentueert. Een unieke kulturele herinnering kon zo voor de komende generatie bewaard worden.

 

Op weg naar het „Zentrum“

 

In december 2004 wendde zich de museumsdirecteur aan de „Kulturdezernent“ Gerd Schönfeld van het Landschaftsverband Rheinland (LVR)  met het verzoek om ondersteuning. Dit verzoek kwam terecht bij Bernd Passmann van de LVR in Keulen, de voormalige  Solinger Burgemeester. Met hem kwam een coalitieverdrag ter ondersteuning van het Solinger projekt tot stand en hij deed het voorstel, de „Bürgerstiftung“ met een vermogen van 2 miljoen euro te voorzien.

In 2007 kocht de „Else-Lasker-Schüler-Stiftung“ de literatuurverzameling Jürgen Serke aan met 2500 werken van vroeger verboden, verbrande, als ook in de verbanning ontstane literatuur en die van dissidenten in de DDR. De literatuurverzameling werd  in het begin in bruikleen aan het museum ter beschikking gesteld. Sinds 2008 wordt deze verzameling met de titel „Himmel und Hölle 1914 – 1989“ tentoongesteld.De curator was Jürgen Kaumkötter. De „Bürgerstiftung für verfemte Künste“ en de „Else-Lasker-SchülerStiftung“ werden in 2014 samengevoegd tot „Bürgerstiftung für verfolgte Künste  – Else-Lasker-Schüler- Zentrum – Kunstsammlung Gerhard Schneider“. De taak van de nieuwe stichting is het ter beschikking stellen van haar kunst en literatuur aan het „Zentrum für verfolgte Künste“ om deze werken te presenteren en wetenschappelijk te behandelen. Het Zentrum zelf staat ingeschreven op 9  februari 2015 als Vennootschap van algemeen belang.Tweederde behoort  tot de LVR en eenderde  tot de „Beteiligungsgesellschaft Solingen“(BSG), een dochteronderneming van de stad Solingen. Ook de jaarlijkse bedrijfskosten worden hoofdzakelijk door de beide gezelschappen gedragen: 290.000 euro door de LVR, 145.000 euro door de BSG, die dit bedrag van de stedelijke museumsondersteuning, tot nu toe 214.000 euro, afsplitsen kan.

 

U kunt onze museumskrant ter opening van het Zentrum als PDF.

 

De „Zentrum für verfolgte Künste GmbH“ wordt door het LVR-netwerk „Kulturelles Erbe“ ondersteund.